Willem Harbers, Trasuovoteur 2026
Onyx, steel, metals, wood and paint, 65 x 35 x 22 cm
KunstRAI 2026, stand 30 KUNSTADVIES Hanneke Janssen,
foto Mandarte
Een onbeschrijfelijk iets aan de muur. Wat is het? Trasuovoteur. Ik had het kunnen weten. Zo’n fantasietitel die Harbers altijd meegeeft aan zijn werk. Net zo speels als het werk. Onderweg tot stand gekomen. Door associaties die soms niet te zien zijn. Het laatste deel van het woord ‘ovoteur’ is belangrijk. Het betekent dat het ding iets doet. Wat deze aan de muur doet is trás noveren. Duidelijk: iets ouds omzetten in iets nieuws. (trans en novus, over en nieuw.) Ik ben er nog niet, ik moet beter kijken.
Het is druk in de beursstand van kunstadvies Hanneke Janssen. Ik blijf dus niet te lang hangen bij dit sculptuur dat een van de meest diepzinnige is van alles wat ik in de RAI zie. Laat staan dat ik een notitieboekje tevoorschijn haal om eerst te noteren wat ik echt zie. Ik kan dus weinig zien, maar wat ik zie is dit:
Er is een zwart ovaal schild tegen de muur geschroefd. Dat draagt een zwarte haak met een oog, waaraan een zwarte kooi hangt. Zijdelings groet uit de zwarte haak een vuurrode hangende tak, die verdacht veel lijkt op de tak van een gewei. Uit de rode tak bloeit een zijtak omhoog, die uitmondt in een soort Chinees teken. Onderaan de rode hoofdtak ontspruit een klein houten blok, als een kistje. In het bovenvlak ligt een zeldzame steen, die van de wijsheid misschien. Er steekt een sleutel uit de voorkant van het kistje.
De kooi is niet zomaar een vogelkooitje, maar een opengewerkte draadkooi, samengesteld uit verschillende, fraai gebogen stalen lussen, in vormen gebogen zoals je die tegenkomt op de tegeltableaus in het Alhambra. De vrij hangende kooi eindigt aan de onderkant met een aflopend architectonisch detail, een renaissance eikel. In het hart van de kooi hangt een vuurrode peer, aan een zwarte leren band, een druppel intense liefde, gekooid gekoesterd. Gaat het intense rood en zwart om erotiek? Ik interpreteer. Dat is gevaarlijk. Ik ben nog tekort aan het kijken.
Als het Chinese teken een hoofd is op een lange dunne nek, met daaronder de rode schouders, dan is de rode tak naar het kistje de linkerarm, en de zwarte naar de kooi de rechterarm. Kooi en kistje houden elkaar in evenwicht, hangen op dezelfde hoogte en zijn gedoemd om uit elkaar te blijven. Wie weet is de sleutel geen sleutel. Maar er is zeker een relatie tussen de open kooi en het gesloten kistje, tussen de peer en de steen, een relatie van onbereikbare tegenhangers, door een Calderrieke acteur uit elkaar gehouden en bespeeld als marionetten, maar op dit moment bevroren, voor wie weet hoe lang, in hun altijd durende verlangen.
Waarom ik zo’n haast heb om te gaan interpreteren? Omdat ik het werk wil begrijpen: wat betekent het, wat bedoelt het te zeggen? Maar aan dat begrijpen gaat altijd een ander vooraf: begrijpen hoe het gemaakt is. Waarom heeft de beeldhouwer deze keuzes gemaakt, waarom deze materialen uitgezocht, deze onderdelen samengevoegd? Hoe deed hij dat? Kunnen wij iets afleiden uit het maakproces als we het terugdenken? Een bedoeling ontdekken? Maar dit maakproces is niet gemakkelijk terug te denken: het is enerzijds intellectueel zoals het speelt met symbolen en anderzijds is het gevoelsmatig, intuïtief, zoals het speelt met associaties.
Als ik het gemaakt zou hebben, zou je een hart zien, gloeiend gevangen in de kooi van een geliefde, waaruit het hart nooit zou willen ontsnappen. En dat Chinese teken maar groeien en bloeien totdat iemand aan het sleuteltje gaat draaien… [Je mag nooit een interpretatie opdringen aan je lezers.]
Geschiedenis
Mijn betrokkenheid bij het werk van Willem Harbers beloopt nu meer dan 20 jaar. In 2005 hield ik de openingsrede bij zijn solotentoonstelling in Hoorn, in de Boterhal. Hij was toen nog vol van zijn ervaringen met het marmer van Carrara. Steen is altijd bij hem gebleven. Er zijn nauwelijks beeldhouwers te vinden die steen combineren met andere materialen hoewel de Italiaan Penone er een van is, maar die werkte toentertijdvooral in hout, in hele bomen. Willem combineerde robuuste houten machine onderdelen met marmeren elementen.
2005 tentoonstelling in de Boterhal, Hoorn
Daar sprak ik de openingsrede uit van de solotentoonstelling van Willem Harbers. Ik nam er de tijd om elk van de twaalf aanwezige beelden te bespreken. Ik zei onder meer:
Een systeem is iets dat zich zelf voedt en onderhoudt, en voor zijn eigen voortbestaan zorgt. Wij denken graag in systemen […] Tien van deze acht twaalf beelden verwijzen naar een industrieel systeem, ondanks hun ambachtelijke uitstraling. Dit verband met industriële systemen, maar ook met motoren en machines of machine onderdelen, is goed overdraagbaar op ons eigen lichaam. […] Deze organische machinefragmenten verwijzen mij naar het systeem van mijn lichaam, waarbinnen ergens mijn geest huist. Ook deze fragmenten hier in de zaal doen zich voor als mogelijke behuizing voor een ziel, onzichtbaar, op het eerste gezicht niet functioneel, maar misschien wel aanvaardbaar.[…] Maar overduidelijk is dat de kunstenaar deze systeemonderdelen ontdaan heeft van hun functie, en ze nu als zelfstandige eenheden aan ons voorstelt, misschien wel omdat hij niet in de eeuwige houdbaarheid van een systeem gelooft. Systemen zijn immers altijd vrij van innerlijke tegenspraak, terwijl de kunstenaar nu eenmaal in een dubbele wereld leeft: die van zijn eigen verrassende bestaan, en die van de kunst. En het systeem Kunst is geen vast systeem omdat het de kunstenaars telkens weer vraagt om het eigen systeem opnieuw te onderzoeken.
Nou, ik durfde toen wel erg veel te vragen van het aanwezige publiek. Ik werd nu eenmaal enorm uitgedaagd en geïnspireerd door de beelden van Willem. Zo sterk dat ik wel móést, en dan heb je het volgens mij over echte kunst.
In 2013 bereidde het ABK het Amsterdams beeldhouwers collectief waarvan Willem lid was en later zelfs voorzitter werd, een tentoonstelling voor in Keulen . Helaas moest ik mijn opdracht als curator opgeven maar Willems werk was al in een ver gevorderd stadium. Ook nu weer waren er elementen van een industrieel systeem te zien.
Willem Harbers, Labogrigneur 2013 (Voorbereiding ABK tentoonstelling Keulen)
Er zouden nog vele werken volgen met de titel ‘Labo…’ die in dezelfde vormentaal laboratoriumachtige opstellingen toonden.
In 2016 was ik curator voor de beeldententoonstelling in de botanische tuin, de Hortus Botanicus van de Universiteit van Delft. Willem toonde er een stoere combinatie van staal en hardsteen. Ook dit werk was -oppervlakkig gezien- gelieerd aan het machine-denken.
2016 Hortus Botanische tuin Delft
Voor de tentoonstelling in dezelfde Hortus een jaar later ontwierp Willem deze speciale keramische vormen die aan de buitenkant getekend waren met een soort machinetaal. Een belangrijke wending: zware machineachtige onderdelen vervangen door open vaten voor luchtige ideeën, op de buitenzijde gelabeld.
2017 Hortus Botanische tuin Delft
en nu
En nu ontmoeten wij elkaar weer, beide ietsjes ouder en een weinig grijzer, een heel leven wijzer. Willem is zijn materialen nog steeds trouw maar zijn idioom is breder geworden en zijn diepgang wint nog steeds aan diepte. Ik heb een weinig van mijn persoonlijke interpretatie vrijgegeven in de hoop dat het anderen aan zal sporen een eigen beleving toe te laten en een eigen lezing te ontwikkelen. Laten we dat helder houden: de inspiratie voor de interpretatie komt altijd voort uit de waarneming van het werk. Nooit uit de zogenaamd interessante verhaaltjes over het leven van de kunstenaar. De vorm en inhoud van het beeld is nooit eenzijdig te vinden in een gebeurtenis uit het leven of een anekdote daarvan.
De Trasuovoteur op de KunstRAI toont een andere kant van de kunstenaar. De serie laboratoriumbeelden is vermoedelijk nog niet beëindigd, maar er ontwikkelt zich nu een vormentaal die sterker geïnspireerd is op andere elementen - en dus andere betekenissen. Laten we ze humaan noemen, omdat ze humaner zijn dan de industriële systemen en een andere balans laten zien. Industrieel systeem en humaniteit bloeien beiden dankzij een sterke innerlijke balans. Maar voor elk van die twee is het balansbepalende element verschillend: voor de een het door de mens beheerste systeem, voor de ander de natuur.
Verwijzingen
Het werk van Willem Harbers vind u bij Galerie Franzis Engels: www.franzisengels.nl
en Donopoulos International Fine Arts: www.donopoulos.gr.
Op de kunstbeurs KunstRAI Amsterdam 2026 werd hij vertegenwoordigd door kunstadvies Hanneke Janssen: www.kunstadvies-hannekejanssen.nl
Alle foto’s
Alle gebruikte foto’s copyright Mandarte.

Abonneren
Rapporteer
Mijn reacties